Er werd natuurlijk stevig doorgevaren
Al viel dat lang niet altijd even mee
Met Rie die om de haverklap moest baren
Klaas, Dirk, Gerrit en Marie-José
Het werd een drukte van belang aan boord
Dirk als wipper opent plotse ader
Eh… Met Dirk als schipper en als trotse vader
Och, hoe mooi is het geschreven woord!
Opa is hij thans al vele jaren
De schepping blijkt toch maar een gulle gever
Als er niet zoveel Verstegen waren
Kon de dop wel weer op de jenever
Ik vraag Minerva, O Godin der Wijsheid
Niet naar de reden van de kaal- of grijsheid
Niet naar een leven lang varend ervaren
Niet naar ’t onredelijk verstrijken van de jaren
Dirk mag schipper, vader, opa heten
En dichter zijn, van mooie meiden dromen
Een ding wil ik tenslotte weten
Waarom is zijn voornaam eigenlijk Ome?
David Bosboom 13.10.04 voor Ome Dirk –
in grote dank voor de inspiratie!
Als kleine broekeman
mocht Dirk graag in bomen klimmen
Hij klom dan in een hoge boom en zweeg
En wilde nogeen stukje verder klimmen
Waarbij hij zich dan steeds versteeg
Zo kwam Dirk al jong erachter
Dat hij behoorde tot een apenras
Dat voor het luchtruim niet geschapen was
Het water riep hem en zijn wasverzachter
Het ruime sop, de Zaan, het IJ
De Maas, de Rijn en daar voorbij
De knuist aan ’t roer, de pet opzij
De trossen los en Panta rei
We gaan op golven van verlangen
Bij labberkoelte en bij waterhoos
Bij zeemanslied en minnenzangen
O daar was laatst een meisje loos!
Zij werd zijn vrouw en hij werd lyrisch
Er kwam een grote kinderschaar
Aldus ontdekte Dirk, geheel empirisch
Ervaring, jongens, is toch wonderbaar