Als je zo naar dit idyllische plaatje links kijkt dan denk je ,
was het maar zomer. Daar liggen we met ons schip.
Achter de bomen. In de Schiethaven. Dat heeft niets met schieten
te maken. Vroeger was hier een grote balkenhaven. Wij liggen in het
stukje wat er van rest. Schieten ! Dat deden Zaanse balkenvlotters.
Zo noemden ze het. Balken een haven in varen ! Ze liepen over de
boomstammen die daar gewoon, uit zeeschepen, overboord werden
gekiept. Ze bonden ze bij elkaar tot vlotten. Als het erg grote stammen
waren voeren ze , staande op zo`n boomstam , het bakbeest naar
de plaats waar hij liggen moest.
Eens, majesteus, in het oerwoud, naar de hemel reikend.
Nu, wachtend op de zaag, gedoemd om een kastplank of iets van dien aard te worden
Balkenvlotters -
kunstenaars aan de Zaan --
varen op stammen --
dat was hun baan
lopen op het water
als een ander op het land
met spijkers onder hun schoenen
en pikhaken in de hand
Wie houdt er nu van schieten -
als`t op hem is gericht
vooral met zwaar kaliber
en kollosaal gewicht
waar kon je dat beleven
Wel - vroeger aan de Zaan
daar schoten ze met bomen
zo is dat gegaan
verzameld bij elkaar -
soms langer dan een jaar -
in het water
wachtend op de zaag