werkeloos
Hij loopt wat doelloos in de stad.........want thuis kan hij niet zijn
de muren komen op hem af........................het huis is hem te klein
zijn vrienden treft hij op de straat...................hen trof hetzelfde lot
wat moet je praten met elkaar............................je gaat er aan kapot
`k wil leven en werken ................... net zo als jij
ik ben toch geen schooier maar ...net zoals jij
je ziet niet de tranen ....
die ik soms schrei
ik wil toch ook leven ........................net zo als jij
de jaren 30..hoor je vaak die krisis was zo groot
maar wat te doen in deze tijd
je ligt zo in de goot
* het werk ..dat heb je goed gedaan *
* je was een goede kracht *
* trek je er maar niet te veel van aan *
zo iets stoms wordt dan bedacht
wie hen ziet lopen in de stad.. .....zo schijnbaar voor ` t plezier
die ziet hen niet in eenzaamheid......wegschuilend als een dier
zeshonderdduizend zijn het haast............jij bent er nog niet bij
`t geluk dat nu nog met je gaat....................houd je nog even vrij